Acromioclaviculaire artrose
Acromioclaviculaire artrose
Het acromioclaviculaire gewricht (= AC-gewricht), waar het uiteinde van het sleutelbeen aansluit bij het schouderblad, is een zeer klein “pseudogewricht”. Bij bewegingen van de bovenarm maakt het sleutelbeen kleine bewegingen tegenover het schouderblad (= acromion). Het gewrichtje is bekleed met een kraakbeen laag en heeft zelfs vaak een kleine meniscus.
Bij vorderende leeftijd, bij aantasting door vroegere sportletsels of ongevallen, kan er in dit gewrichtje slijtage optreden. Het kraakbeen verdunt, er groeien botaanwassen en het gewrichtje raakt ontstoken. We spreken van AC-artritis (= ontsteking), later van AC-slijtage (= artrose).

Acromioclaviculaire artrose
Symptomen
De pijn bij slijtage of ontsteking van het AC-gewricht lokaliseert zich typisch bovenop de schouder. De pijn is aanwezig in rust, zelfs ‘s nacht maar neemt vaak toe bij bovenhoofdse bewegingen (ramen wassen, op een bord schrijven, poetsen…).